Wat we van improviseren kunnen leren

Je improviseert wat af in de huisartsenpraktijk. Hoe goed je ook plant en je voorbereidt, er is altijd wel iets wat net anders loopt en je hele planning overhoop kan gooien. De inkt in de printer is op, de patiënt met afspraak voor een enkel consult blijkt veel meer tijd te vergen, er komt een spoedvisite tussendoor etcetera. Je past je aan en gaat gewoon verder. Vaak ben je je er niet eens van bewust hoeveel je gedurende de dag meebeweegt met de gebeurtenissen. Het gaat vanzelf: actie -> reactie.

Impro cirkel

In werkelijkheid gebeurt er ontzettend veel tussen actie en reactie. Meestal blijft dat echter onbewust. Bij improvisatietheater leren spelers om hier juist bewust mee om te gaan, wat weer nieuwe mogelijkheden schept. Daarbij wordt gewerkt met de impro cirkel: een model dat de verschillende stappen uiteenrafelt.

impro cirkel

  1. actie: er gebeurt iets (onverwachts) – zoals de voorbeelden hierboven
  2. waarnemen: gebruik al je zintuigen om waar te nemen – wat zie je, hoor je, ruik je, proef je, voel je, hoe is je balans (evenwicht) en hoe sta of hoe is het met je lichaam (propriosepsis)
  3. binnenwereld: word je bewust van de gedachten en emoties die de gebeurtenis bij je (personage) oproepen – wat vindt je (personage) ervan, wat doet het met je (personage)
  4. accepteren: dit is wat er is, zowel de gebeurtenis (buitenwereld), als je gedachten en emoties daarover (binnenwereld)
  5. mogelijkheden: wat zou je (personage) nu allemaal kunnen doen (inclusief niets en je standaard-reactie)
  6. kies: maak een keuze uit de schier oneindige mogelijkheden van de vorige stap
  7. reactie: doe datgene waar je in de vorige stap voor gekozen heb en ga er helemaal voor

En daarmee is de cirkel weer rond: wat jij doet (of juist niet doet) is weer een volgende gebeurtenis die kan worden waargenomen. Etcetera. Op het toneel geeft dit de spelers eindeloze mogelijkheden om met hun personages verhalen te maken die het publiek boeien en raken. Maar wat heb jij daar nu in de praktijk aan?

Een voorbeeld

Je assistente zit diep geconcentreerd achter de computer te werken. Ze heeft zich expres teruggetrokken in een vrije behandelkamer, om niet gestoord te worden. Dan wordt de deur opengegooid en komt de praktijkondersteuner binnen, die wat spullen nodig heeft. De twee collega’s hebben elkaar die dag nog niet gesproken en de poh begint een enthousiast verhaal over de bijscholing waar ze is geweest. De assistente reageert in eerste instantie niet. Als de poh aandringt, mompelt de assistente iets norsigs. Verongelijkt loopt de poh de behandelkamer uit.

Het lijkt een storm in een glas water. Maar dit soort irritaties vanuit onbegrip en miscommunicatie kunnen op termijn de hele sfeer verzieken. Het is duidelijk dat beide collega’s onvoldoende hebben waargenomen: de poh heeft onvoldoende door dat haar collega geconcentreerd bezig is en de rust had opgezocht. De assistente heeft geen aandacht voor het enthousiasme van haar collega. Schier automatisch schieten beiden vanuit actie (de gebeurtenis) naar reactie.

Uit de automatische piloot

Door het proces van actie naar reactie uiteen te rafelen in de verschillende stappen, stap je uit de automatische piloot, ontstaat er werkelijk contact met en begrip voor elkaar waardoor de samenwerking verbetert.

Door hier in de context van improvisatietoneel mee te spelen, geef je jezelf bovendien toestemming meer alternatieven te onderzoeken en ervaren dan je in het dagelijks leven doet, bijvoorbeeld onredelijker en onaangepastere keuzes te maken, dominanter of juist dienender op te treden. Waarmee je uiteindelijk ook je keuzemogelijkheden in het dagelijkse leven uitbreidt.

Zelf ervaren?!

Volg een workshop of cursus improvisatie. Klik hier voor meer informatie.