Eerste hulp bij niet-weten

Misschien wel één van de grootste uitdagingen in de praktijk, is omgaan met de grenzen van je eigen kunnen en kennen. Als zorgprofessional wil je je patiënten helpen. Je luistert naar hun verhaal, onderzoekt ze, vraagt aanvullend lab of andere tests aan, checkt de uitslagen. En meestal kom je er dan wel uit. Soms niet. 

ik weet het niet

Niet-weten als reden voor paniek

Als beginnend arts kan het behoorlijk frustrerend en alarmerend zijn wanneer je niet weet wat er met je patiënt aan de hand is. Veel jonge dokters verbloemen hun niet-weten met (extra) ingewikkeld medisch jargon. Idiopathisch, e causa ignota – we hebben fraaie, dure termen die niets meer betekenen dan dat we het niet weten.

Voor een beginnende dokter is niet-weten wellicht een teken van onervarenheid. Iets waar je je al terdege van bewust bent. En waarvan je bang bent dat je patiënt het als een brevet van onvermogen zal zien – dat de patiënt vertrouwen in jou verliest. En bovendien hebben we op school en op de universiteit geleerd dat geen antwoord een fout antwoord is – toen leidend tot een onvoldoende, nu leidend tot … Ja, tot wat?

Niet-weten als uitdaging

Ervaren dokters durven het wél aan om hun patiënt te zeggen dat ze het niet weten.Je weet dat niet-weten bij het vak hoort. Je ontleent je zelfvertrouwen niet aan de hoeveelheid kennis en het vermogen om ingewikkelde medische puzzels op te lossen. Een vraag die je niet meteen kunt oplossen is eerder een uitdaging dan een bedreiging. Je verblijft daardoor (meer) ontspannen, comfortabel in het niet-weten. Vertrouwend dat een volgende stap zich aan zal dienen.

Wat heeft dit met teams te maken?

Dezelfde angst voor het niet-weten speelt ook een rol bij het leidinggeven aan je team. Als je als praktijkhouder niet weet om te gaan met de dynamiek in het team, ben je dan wel geschikt voor die rol? Je wilt geen flater slaan, het niet erger maken dan het al is. En voor je het weet, zit je in een kramp, waarin je je stinkende best doet vooral niet te laten blijken dat je het zelf ook niet allemaal weet. En juist de schijn ophouden werkt averechts, net als het onbegrijpelijke medische jargon bij patiënten.

Eerste hulp bij niet-weten

  1. haal adem: niet-weten kan voor een paniek-reactie in je lichaam zorgen. Rustig ademen – 4 tellen in door je neus, 8 tellen uit door je mond en dat 5 keer – kalmeert. Waardoor je weer helderder kunt waarnemen en denken.
  2. luister: wat hebben je medewerkers te zeggen? Welke emoties en drijfveren gaan schuil achter hun woorden en daden? Ga uit van een positieve intentie: iedere actie wordt ingegeven door een verlangen zichzelf te beschermen of te helpen – is dus nooit gericht tegen een ander.
  3. neem afstand: wat speelt er in je team? Wat zijn de feiten? Wie doet wat en wanneer, wie reageert op wie, etc. Laat je interpretatie los: het is maar de vraag of jouw verklaring klopt en dus helpt.
  4. benoem: spreek je waarneming hardop uit. Tegen je maat, je partner, of tegen je hele team. Ontdek hoeveel duidelijker dingen worden wanneer je ze uitspreekt. Let op: hou het bij objectieve waarneming en blijf weg van waardeoordelen en invullingen.
  5. vertrouw: op je eigen gezonde verstand en op de positieve intentie van je team – jullie willen allemaal dat het team werkt.

Nader onderzoek

Ga je verdiepen in de verschillende aspecten van leidinggeven en groepsdynamiek. Je kunt erover lezen – bijvoorbeeld hier op mijn website:

Je kunt erover praten met collega’s – in intervisie of tijdens andere bijeenkomsten. Je kunt trainingen, workshops en cursussen volgen. Je kunt hulp inschakelen. Onderzoek en ontdek gaandeweg je eigen stijl.